Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Reacties0

Aios in opleiding presenteren hun onderzoek

Op 14 februari presenteerden elf aios bedrijfs- en verzekeringsgeneeskunde de voorlopige bevindingen van hun onderzoek in het kader van hun opleiding tot bedrijfs- of verzekeringsarts bij de NSPOH.

Het symposium was, zoals veel bijeenkomsten tegenwoordig, online. Geheel in lijn met de afgelopen twee jaar deden twee aios bedrijfsgeneeskunde onderzoek naar de ervaringen van bedrijfsartsen met deze andere manier van veranderde spreekuren draaien tijdens de pandemie. Het onderzoek van de ene aios spitste zich toe op de ervaringen met telefonische spreekuren; iets wat zeker in het begin veel gedaan werd. De conclusie uit dit onderzoek was dat de ervaringen zeer divers zijn, van heel positief tot zeer negatief. Zijn verwachting is dat veel bedrijfsartsen in toenemende mate telefonische consulten zullen blijven inzetten voor hun beoordelingen.

Beeldbellen

De andere aios had onderzoek gedaan naar de ervaringen van bedrijfsartsen met spreekuren via beeldbellen. Hij gaf aan dat er zowel voor- als nadelen zijn aan beeldbellen. Een praktisch voordeel is dat beeldbellen een mooi inzetbaar alternatief is naast telefonische en fysieke spreekuren. Bovendien is het spreekuur plaats-onafhankelijk uitvoerbaar. Nadelen zijn onder andere dat men afhankelijk is van software en techniek en dat bij beeldbellen lichamelijk onderzoek niet mogelijk is. Al met al is de conclusie dat beeldbellen een bruikbaar en waardevol instrument is voor bedrijfsartsen. De aanvulling van beeldbellen in combinatie met telefonisch spreekuur wordt als positief ervaren door bedrijfsartsen.

Smart ring

Een andere mogelijkheid om technologische vernieuwing in te zetten, kwam naar voren bij het onderzoek van een aios naar de bereidheid van medewerkers om tijdens de re-integratie bij burn-out een OURA-ring te dragen en de uitkomsten te delen. De OURA-ring is een ‘smart-ring’ die dingen als de hartslagvariatie, actieve tijd en slaapkwaliteit kan monitoren. Dit onderzoek is nog in volle gang, maar de voorlopige resultaten tonen aan dat men verwacht dat de OURA-ring redelijk makkelijk te gebruiken zal zijn. Verwacht wordt dat het een mooi hulpmiddel is voor de toekomst dat preventief inzetbaar is en ook gebruikt zou kunnen worden bij andere En ziektebeelden als cardiopulmonale of oncologische problematiek.

Zelfmanagement

Een vierde aios hield het bij de welbekende smartphones en deed onderzoek naar ervaringen van werknemers met kanker met de Untire-app. Uit eerder onderzoek bleek dat de app een effectief zelfmanagementprogramma is voor mensen met kanker. Het doel van dit onderzoek was om inzicht te verkrijgen in de ervaringen en behoeften bij werknemers die de app hebben gebruikt. Ze concludeerde dat de app toegevoegde waarde heeft bij bewustwording, acceptatie, erkenning en emoties. De app is goed toepasbaar tijdens en na de behandeling en geeft ook goede ondersteuning op psychisch gebied. Kortom, de Untire-app biedt handvatten voor het herstel van werknemers met kanker en biedt ook aanknopingspunten voor de bedrijfsarts voor het gesprek met de werknemer zodat er begeleiding op maat kan worden aangeboden.

Door aios voor aios

Twee aios deden onderzoek naar hun medestudenten. Eén van hen richtte zich op het tekort aan verzekeringsartsen bij het UWV. Ze vertelde dat uit cijfers was gebleken dat in 2020 meer artsen gestopt waren bij UWV dan dat er bijkwamen. Het doel van haar onderzoek was om in kaart te brengen welke waarden voor bijna afgestudeerde verzekeringsartsen belangrijk zijn rondom hun intentie om bij UWV te blijven werken, en in welke mate zij deze waarden momenteel ervaren in het werk. Ze gebruikte hiervoor een vragenlijst waarmee zeven werkwaarden in kaart worden gebracht. Alle werkwaarden worden in gelijke mate als belangrijk beoordeeld, en voor alle werkwaarden geldt dat de mate waarin deze worden gerealiseerd lager ligt dan de waarde als belangrijk wordt ervaren. Geconcludeerd wordt dat de bevraagde aios zich onvoldoende betrokken voelden bij belangrijke beslissingen, het gevoel hebben onvoldoende inkomen te ontvangen en minder het gevoel hadden dat ze een bijdrage creëerden aan iets waardevols.

Burn-out bij aios

Het tweede onderzoek betrof burn-out en bevlogenheid bij aios sociale geneeskunde. De aanleiding was een krantenartikel uit december 2020 waaruit bleek dat een kwart van de aios in de kliniek overweegt te stoppen met de opleiding. Dat roept de vraag op hoe dat bij aios binnen de sociale geneeskunde zit? Daarom is een enquête uitgezet onder aios bedrijfs- en verzekeringsgeneeskunde en maatschappij & gezondheid. De aios die dit onderzoek uitvoerde vertelde dat aios sociale geneeskunde overwegend erg tevreden zijn met het leven en het werk. Er heerst een tevredenheid over de sfeer binnen de vakgroep en het grootste gedeelte van de aios zou de specialisatie opnieuw kiezen. Ze voelen zich trots op hun vak. Waar in de kliniek 25 procent overwoog om te stoppen, is dat binnen de sociale geneeskunde minder dan 15 procent. Aios sociale geneeskunde zijn tevreden tot zeer tevreden over de werk-privé-balans, waarbij aios verzekeringsgeneeskunde het hoogst scoren. Bijzonder was daarbij wel dat juist in deze groep burn-outklachten het vaakst voorkwamen. Al met al komt burn-out in de sociale geneeskunde minder voor dan in de kliniek, wordt een betere werk-privé-balans ervaren, maar zijn deze aios wel iets minder bevlogen aan het werk.

Aandacht voor het spreekuur

Een aantal aios zocht verdieping in de spreekuren van de verzekeringsartsen. Zo was er één die onderzoek deed naar hoe belangrijk verzekeringsartsen het psychisch onderzoek vinden bij een verzekeringsgeneeskundige beoordeling. Zijn ervaring was dat hierover verschillend wordt gedacht. Na een kwalitatief onderzoek komt hij tot de conclusie dat al de geïnterviewde collega’s het als een belangrijk onderdeel van de beoordeling zien, maar wel van mening zijn dat hier door een deel van de collega’s weinig of onvoldoende aandacht aan wordt besteed. Zijn advies is een bijscholing of cursus door een psycholoog of psychiater te organiseren voor met name het leren wegen van nuances.

Hoogbegaafd

Een andere aios onderzocht in hoeverre verzekeringsartsen hoogbegaafdheid herkennen en erkennen als een factor bij de arbeidsongeschiktheid. Haar doel was het in kaart brengen van ervaringen van hoogbegaafden in het kader van de ziektewet en WIA-beoordelingen. Ze deed dit door middel van interviews met hoogbegaafde cliënten. De deelnemers van het onderzoek meldden een verband tussen hun ziekmelding en hoogbegaafdheid. Een aantal van hen durfde het echter niet te benoemen tijdens het spreekuur; in de meeste gevallen omdat zij zich niet begrepen voelden. Het ontbrak daarna ook vaak aan herkenning in de rapportage – het stond er achteraf vaak niet in en uit de geduide functies bleek dat het risico op bore-out niet was meegenomen. De aios concludeerde dat er een ervaren tekort aan kennis en begrip is voor hoogbegaafdheid. Ze vertelt hierbij wel dat hoogbegaafdheid geen ziekte of gebrek is, maar een persoonskenmerk dat naast positieve kanten ook negatieve kanten kan hebben. Als die negatieve kanten niet herkend/erkend worden, kan dat belemmerend zijn voor de re-integratie. Een eerste stap in de goede richting is dan ook het verspreiden van kennis, zodat verzekeringsartsen zich meer bewust worden van het effect van hoogbegaafdheid.

Huiselijk geweld

Een derde aios deed onderzoek naar het herkennen van signalen van huiselijk geweld en kindermishandeling tijdens het verzekeringsgeneeskundige spreekuur. Zij vroeg zich daarbij af of deze herkenning ook aanleiding kon geven tot het ontstaan van een vermoeden van (dreigend) huiselijk geweld en kindermishandeling en of de verzekeringsartsen bij UWV de meldcode toepassen. Uit haar onderzoek bleek dat de verzekeringsartsen de signalen grotendeels herkennen. Psychische problematiek wordt vooral gerelateerd aan kindermishandeling. Agressief gedrag daarentegen wordt vooral gerelateerd aan huiselijk geweld en fysiek letsel. De geïnterviewde artsen denken dat het niet of nauwelijks voorkomt bij de cliënten die ze zien op het spreekuur. Ze concludeert daardoor ook dat de meldcode nauwelijks wordt toegepast. De incidentie wordt onderschat en men lijkt onvoldoende bekend met procedures rondom de meldcode en achtergronden van huiselijk geweld en kindermishandeling.

Inhoudelijke kwaliteit

Een aios onderzocht de effecten van de rol als coördinerend bedrijfsarts op de inhoudelijke kwaliteit van de dienstverlening. Ze deed dit door middel van semigestructureerde interviews. Uit de interviews bleek dat het de rol van coördinerend bedrijfsarts over het algemeen positief wordt gewaardeerd. Ze noemde hierbij een aantal pluspunten zoals zorg dragen voor collega’s, meedenken op een hoger/ander niveau, en dat het leuk is om te doen. Daarnaast waren er een aantal verbeterpunten, waaronder tijd die men nodig heeft om taken uit te voeren, de begrenzing van de taken van de coördinerend bedrijfsarts in de hiërarchie van het bedrijf. De aios adviseert daarom ook duidelijkere uitleg over de rol bij het worden van een coördinerend bedrijfsarts, en om de tijd die deze rol kost door de arbodienst te laten waarborgen.

Inspanningsafhankelijk pijnsyndroom

Ten slotte was er een aios die onderzoek deed naar welke factoren een rol speelden in het wel of niet halen van de opleiding tot marinier met een inspanningsafhankelijk pijnsyndroom van de onderbenen. Dit pijnsyndroom leidt tot uitval van bijna een kwart van de mariniers in opleiding. Haar doel was om de factoren duidelijk in beeld te krijgen zodat een volgende stap zou kunnen zijn om hier preventief wat aan te doen. Gegevens werden door middel van een vragenlijst verzameld. Ze kon de gegevens van 24 mariniers gebruiken voor haar onderzoek. De helft hiervan had de opleiding niet succesvol afgerond. Deze twee groepen vergeleek ze met elkaar. Uit de analyse bleek dat er geen significante verschillen zijn in beide groepen. De aios adviseert een structureel onderzoek, eventueel met exitgesprekken, om hier een beter beeld van te krijgen.

De aios die op deze dag het eigen onderzoek presenteerden zullen binnenkort ook het onderzoeksartikel afronden. Bent u geïnteresseerd in één of meerdere van deze onderzoeken? Neem dan contact op met c.jacobi@nspoh.nl

Netal Vegada werkt bij UWV en is aios Verzekeringsgeneeskunde NSPOH

Cathrien Jacobi is opleidingsmanager onderzoek en EBM bij NSPOH

 

 

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen
account, maak dan hieronder een account aan.
Lees ook de spelregels.