Irene Tol is bijna vijf jaar adviseur bij het Servicepunt. Ze komt uit de praktijk. ‘Ik heb jarenlang in de regio gewerkt als adviseur bij het WerkgeversServicepunt, waar ik intensief samenwerkte met werkgevers. De focus lag zowel op het begeleiden van kandidaten naar werk als op het oplossen van personele vraagstukken.’
Hester Roosjen komt oorspronkelijk uit de re-integratie. ‘Ik heb mensen uit alle doelgroepen die je kunt bedenken begeleid, naar werk en op het werk. Daarnaast heb ik werkgevers mogen trainen in hoe ze ruimte kunnen maken voor mensen uit verschillende doelgroepen.’ Wat Irene en zij dagelijks doen, is het verzamelen van actuele kennis vanuit wetenschappelijk onderzoek, ervaringsdeskundigheid en uit eigen werkervaring. ‘Dit bundelen we en vertalen we naar de praktijk.’
Ze komen dus beiden vanuit een achtergrond in die praktijk. ‘Omdat we uit het werkveld komen, weten we wat de behoeftes zijn,’ zegt Tol. ‘Toen we bij het Servicepunt gingen werken, is er voor ons een extra wereld opengegaan. We willen de kennis en tools die beschikbaar zijn, verspreiden onder arbeidsmarktprofessionals en werkgevers. Dit om uitval te voorkomen en mentale gezondheid en duurzame inzetbaarheid te realiseren.
Meer samenwerken

De oprichting van het Servicepunt, in 2019, was direct verbonden aan het eerste convenant Samen werken aan wat werkt!, uit 2018. Partijen en belangenverenigingen zoals de Nederlandse GGZ, Mind, Cedris, gemeenten en UWV beloofden daarmee zich gezamenlijk in te zetten voor betere baankansen voor mensen met een psychische kwetsbaarheid.
‘Vroeger waren al die werelden eigenlijk apart,’ zegt Tol. ‘Je had cliënten bij de GGZ in het domein Zorg, bij UWV en bij de gemeente in het domein Werk en Inkomen. Uiteindelijk bleek er veel overlap te zijn, veel mensen die GGZ-zorg ontvangen, doen ook een beroep op ondersteuning bij het domein Werk en Inkomen.’
‘Daarnaast leidt werk tot herstel, blijkt uit onderzoek. Onder andere emeritus-hoogleraar Alex Burdorf heeft hier veel over gepubliceerd. Ook aan Tilburg University wordt veel onderzoek gedaan naar het bevorderen van psychische gezondheid, duurzame inzetbaarheid en arbeidsparticipatie. Bijvoorbeeld door prof. dr. Evelien Brouwers en haar team van onderzoekers. ‘Mensen worden gezonder en gelukkiger van werk.’
Eerder was het idee ‘eerst beter worden en dan pas werken’, stellen Tol en Roosjen. ‘Nu kijken we daar anders naar,’ zegt Roosjen. ‘We stellen natuurlijk wel eerst vast welk werk passend is en onder welke voorwaarden je kunt blijven werken, ook al heb je psychische klachten.’ Waar het servicepunt vooral voor staat, is het omzetten van de vele kennis die er is naar de praktijk. ‘Of zoals wij het altijd zeggen: van de “waarom?” naar de “hoe?”.’ Hiermee bedoelen ze dat het niet alleen gaat om bewustwording creëren, maar ook om te zorgen dat deelnemers in door hen georganiseerde kennissessies leren om signalen te herkennen en te oefenen met het voeren van lastige gesprekken.
Veel potentieel
Er zijn meer Servicepunten binnen het UWV. ‘De behoefte bestond om via deze Servicepunten kennis te verzamelen, om die specialistische kennis daarna te verdelen over de regio’s,’ vertelt Tol. Roosjen vult aan: ‘Er zijn in bepaalde tijden thema’s die extra aandacht nodig hebben en dit was daar toen één van.’ Er kan namelijk veel voordeel gehaald worden uit meer kennis en kunde op dit gebied, stellen ze. ‘Voor iedereen die betrokken is, eigenlijk. Zoals we al zeiden, worden mensen gezonder en gelukkiger van werk, maar voor werkgevers is het ook goed om te weten hoe je geschikt personeel aantrekt en kunt behouden. Er staat zoveel potentieel aan de kant nu.’
Het Servicepunt is ook een landingsplek voor collega’s van het UWV, het functioneert binnen de brede dienstverlening van de organisatie. Mensen kunnen er terecht voor vragen en de adviseurs zetten in op proactief handelen en preventie richting werkgevers. ‘Het punt is een pionier die vooruitloopt op de regionale en landelijke kennis over dit onderwerp. Daarom willen we er ook graag bekendheid aan geven, UWV verstrekt niet alleen uitkeringen, maar doet ook dit,’ zegt Roosjen. ‘We kunnen werkgevers heel veel gereedschappen bieden en hen ondersteunen bij het begrijpen van wet- en regelgeving.’
Verder zijn Roosjen en Tol vanuit het Servicepunt het hele jaar onderweg als adviseurs. ‘We worden uitgenodigd door adviseurs, arbeidsmarktprofessionals, adviseurs van gemeenten, loopbaanadviseurs en nog veel meer partijen.’ Volgens Tol is hun unique selling point dat ze niet alleen de theorie aanreiken, maar die ook vertalen naar actieve werkvormen. ‘Wij laten mensen er ook echt mee oefenen.’ ‘We moeten niet óver mensen praten, maar met mensen praten. We geven ervaringsdeskundigen hierin dan ook graag een podium binnen onze kennissessies.’
De tweede ziekte
Deze sessies en trainingen zijn zo belangrijk omdat psychische kwetsbaarheid iedereen kan overkomen. ‘Dat is heel breed. Als je iets meemaakt in de privésfeer of je krijgt een andere leidinggevende waardoor het niet meer goed gaat op werk bijvoorbeeld, en je valt uit,’ zegt Roosjen. ‘We beginnen altijd met bewustwording in onze sessies, met evidence-based cijfers.’ Zo vragen ze het publiek waar-of-niet-waar-vragen: klopt het dat 43% van de Nederlandse bevolking te maken heeft met psychische klachten? Nee, het is inmiddels al 48%. Klopt het dat 1 op de 6 werkenden een psychische aandoening heeft? Nee, het gaat om 1 op de 5 werkenden met psychische klachten, vastgesteld door een arts.
Mensen met een psychische aandoening zijn 3 tot 7 keer vaker werkloos en een groot deel van de leidinggevenden wijst iemand met een psychische kwetsbaarheid al bij voorbaat af. ‘Wij noemen het stigma rondom dit onderwerp vaak de “tweede ziekte”,’ vertelt Roosjen. ‘Mensen worden afgewezen op basis van het beeld dat de leidinggevende heeft van mensen met een psychische aandoening. Ook al heeft die er ongemerkt al veel in dienst, 1 op de 5 werkenden krijgt hier immers mee te maken.’ Het doel is dan ook normaliseren,’ zegt Tol. ‘Je bent niet je aandoening. Je persoonlijkheid is wie je bent. Een psychische aandoening is iets waar je mee leeft of waar je doorheen gaat. Het definieert je niet als persoon.’
Het is dan ook belangrijk dat werkgevers, adviseurs en arboprofessionals signalen herkennen en het gesprek aan durven gaan. ‘We leveren preventieve dienstverlening, wat we willen is normaliseren. Het moet normaal worden om psychische gezondheid en suïcidepreventie te bespreken op de werkvloer,’ zegt Tol. ‘Net zo gemakkelijk als over een gebroken been, ook al is het minder grijpbaar.’
Aannames
Hier ligt ook een rol voor de werkgever en arbeidsadviseur of arboprofessional. ‘Het is belangrijk dat die de signalen herkennen en daar een gesprek van mens tot mens over kunnen voeren,’ zegt Roosjen. ‘Als iemand stiller is geworden op het werk, vaker afwezig, telkens te laat… Kortom: als iemand ander gedrag vertoont dan eerder, moet de werkgever dat signaleren en daarop door durven vragen.’ Hierbij is het belangrijk om gedrag dat opvalt ter sprake te brengen en oprecht geïnteresseerd te zijn in medewerkers.
Dit geldt ook voor bedrijfs- en verzekeringsartsen, zegt Tol. ‘Bij UWV stellen we dat werk een middel is voor mensen om te herstellen. Als je bij de verzekeringsarts komt, kijken we naar je functionele beperkingen, maar vooral ook naar de mogelijkheden.’ Hierbij is ook de bedrijfsarts en arbeidsdeskundige belangrijk. ‘Wat voor soort werk past bij de mogelijkheden?’ Roosjen vult aan: ‘We moeten niet alleen een lijstje afvinken, maar vooral in gesprek gaan van mens tot mens en onze aannames checken.’ Daar bewust mee bezig zijn is belangrijk’, stelt ze. ‘Die oefening doen we ook weleens met een groep: heb je weleens een cliënt gesproken bij wie je een aanname had? Bleek die weleens niet te kloppen en hoe kwam je daarachter? Het gaat allemaal om het oprechte gesprek.’


