Het grootschalige onderzoek, uitgevoerd tussen september 2022 en februari 2023, omvatte ruim 24.000 telefonische interviews in zes EU‑lidstaten: Duitsland, Frankrijk, Spanje, Ierland, Hongarije en Finland. De resultaten vertegenwoordigen naar schatting 98,5 miljoen Europese werknemers.
Risicofactoren
De WES brengt blootstelling aan 24 bekende kankerrisicofactoren in kaart, waaronder industriële chemicaliën (zoals formaldehyde en ethyleenoxide), fijnstof en vezels (zoals asbest en respirabel kristallijn silica), metalen (zoals chroom VI en nikkel), dieselmotoremissies, benzeen en verschillende vormen van UV‑straling. Uit het onderzoek blijkt dat bijna de helft van de ondervraagde werknemers recent met ten minste één van deze risicofactoren in aanraking is gekomen. In sommige sectoren is zelfs sprake van meervoudige blootstelling, wat het risico op gezondheidsschade verder verhoogt. UV‑blootstelling door buitenwerk en dieselmotoremissies behoren tot de meest voorkomende risico’s.
Variatie
De variatie tussen sectoren is groot: van industrie en bouw tot landbouw en transport. Ook het gebruik van beschermingsmaatregelen blijkt inconsistent. Terwijl sommige bedrijven investeren in afzuiginstallaties, persoonlijke beschermingsmiddelen of gesloten systemen, blijft de bescherming elders achter. De onderzoekers benadrukken dat deze inzichten essentieel zijn voor toekomstig beleid, waaronder de actualisering van Europese regels rond carcinogene stoffen op de werkplek. Het rapport moet bovendien bijdragen aan Europe’s Beating Cancer Plan, waarin preventie centraal staat.
De onderzoekers concluderen dat werkgerelateerde kanker een stille dreiging is en blijft. Een betere risicoherkenning, strengere regelgeving en consistente toepassing van beschermingsmaatregelen zijn cruciaal om de blootstelling van miljoenen Europese werknemers terug te dringen. Lees hier het onderzoek dat gepubliceerd werd op Occupational Health.


