Veiligheid op het werk, dat is een bewuste keuze en laat je niet aan het toeval over. Een gedegen aanpak die werkt maakt het verschil voor degene die zich dagelijks inzetten op het werk.
Ondanks dalende cijfers in arbeidsongevallen blijft het voorkomen van menselijke schade door het werk een complexe uitdaging. Wetgeving en aanpakken verschillen tussen landen. In dit artikel vergelijken we de aanpak in België met deze in Nederland op het vlak van preventie van arbeidsongevallen en wat we hieruit kunnen leren.
We zien dat de cijfers voor België en Nederland ongeveer gelijklopen met het Europees gemiddelde, maar dat Nederland een opvallend lager aantal heeft gerapporteerd in 2015. De Nederlandse cijfers moeten, volgens de Algemene Rekenkamer gecorrigeerd worden omdat volgens hen tussen de 50 en 70 procent van de ongevallen niet gerapporteerd wordt. Ook belangrijk om te melden is dat er in Nederland in de regel géén sprake is van een arbeidsongeval als het letsel ontstaat tijdens het woon-werkverkeer, in België is dat wel het geval.
Een ander fundamenteel verschil tussen België en Nederland ligt in de manier waarop arbeidsongevallen worden verzekerd.
België: verplichte arbeidsongevallenverzekering Elke werkgever is wettelijk verplicht om een arbeidsongevallenverzekering af te sluiten bij een erkende verzekeraar, vanaf de eerste dag van tewerkstelling. De verzekering dekt medische kosten, inkomensverlies, blijvende arbeidsongeschiktheid en overlijden. Bij niet-verzekering treedt Fedris (Federaal Agentschap voor Beroepsrisico’s) op en verhaalt de kosten op de werkgever.
Nederland: aansprakelijkheid via Burgerlijk Wetboek In Nederland is er geen verplichte arbeidsongevallenverzekering. Schadevergoeding gebeurt via de aansprakelijkheidsverzekering en de werkgever moet eerst aansprakelijk worden gesteld. Dit leidt in bepaalde gevallen tot juridische procedures en onzekerheid voor het slachtoffer.
De verschillen tussen België en Nederland in de registratie, melding en behandeling van arbeidsongevallen vloeien voort uit uiteenlopende juridische en historische ontwikkelingen. België werkt, zoals eerder gemeld, met een verzekeringsmodel. De werkgever dient elk arbeidsongeval te onderzoeken en op zoek te gaan naar de oorzaken van het ongeval. Hij moet gepaste preventiemaatregelen voorstellen en gelijktijdig de aangifte doen bij de verzekeraar. Deze verzekeraar deelt via een kruispuntbank de info met Fedris. Dit leidt tot duidelijke, gestandaardiseerde procedures en een sterke institutionele rol van de overheid en preventiediensten.
Nederland daarentegen hanteert een zorgplicht- en aansprakelijkheidsmodel: de werkgever is, net als in België, zelf verantwoordelijk voor veilige arbeidsomstandigheden, maar alleen ernstige ongevallen moeten verplicht aan de Inspectie SZW worden gemeld. Voor de vergoeding van geleden schade doet men in Nederland beroep op de aansprakelijkheidsverzekering van de werkgever. Deze verschillen weerspiegelen een breder contrast tussen een collectief, formeel systeem in België en een meer gedecentraliseerde, op eigen verantwoordelijkheid gestoelde aanpak in Nederland.
Figuur 1: Niet-dodelijke arbeidsongevallen in Europa, België en Nederland. (Bron: https://ec.europa.eu/eurostat)
De grafiek, gebaseerd op Eurostat-cijfers, toont de ontwikkeling van niet-dodelijke arbeidsongevallen tussen 2014 en het laatste beschikbare jaar. Het jaar 2014 is als referentiejaar genomen (2010 =100). De lijnen per land en de EU-lijn (grijs) geven de trend weer als percentage van de waarde van dit referentiejaar.
Impact blijft groot
Hoewel het aantal arbeidsongevallen in België en Nederland daalt, blijft de impact groot. Naast lichamelijk letsel veroorzaken ze stress, verminderde werkvreugde en financiële onzekerheid. Werkgevers ondervinden reputatieschade, productiviteitsverlies, stijgende verzekeringspremies en ziekteverzuim.
In België zijn de bouw, industrie en logistiek risicosectoren; in Nederland zijn dat vooral de landbouw, horeca en bouw. Verschillen in registratie tussen deze landen bemoeilijken echter directe vergelijking, maar sectorale benchmarking biedt waardevolle inzichten.
Analyse van dodelijke arbeidsongevallen in België (2018–2023) toont dat verlies van controle over machines, vallen van hoogte en vallende objecten de voornaamste oorzaken zijn. Organisatorische tekortkomingen zoals gebrekkige procedures en onvoldoende opleiding spelen ook vaak een rol.
De kosten van arbeidsongevallen overstijgen medische uitgaven. In België lopen ze jaarlijks op tot miljarden euro’s. Preventie is dan ook essentieel. België kent een sterke traditie met verplichte risicoanalyses, opleidingen en ondersteuning door multidisciplinaire teams van externe diensten voor preventie en bescherming op het werk. Nieuwe technologieën zoals AI en wearables helpen risico’s te voorspellen en ongevallen te voorkomen. Ook worden psychosociale factoren zoals stress en vermoeidheid steeds belangrijkere indicatoren om ongevallen te voorspellen.
Een veilige bedrijfscultuur vraagt om leiderschap, open communicatie, betrokkenheid van alle werknemers en gedeelde verantwoordelijkheid. Valkuilen zoals fatalisme en reactief gedrag belemmeren vooruitgang. Organisaties die inzetten op Safety-II ( leren van wat er dagelijks goed gaat, in plaats van alleen te focussen op wat er misgaat) én participatie van alle stakeholders, boeken betere resultaten.
Valkuilen zoals fatalisme en reactief gedrag belemmeren de vooruitgang
Wat kan Nederland leren van België?
In België zijn bedrijven verplicht samen te werken met een externe dienst voor preventie en bescherming op het werk, zoals IDEWE, een toonaangevende Belgische organisatie op dit gebied.
Deze samenwerking legt een sterke nadruk op preventie van arbeidsongevallen en menselijke schade, waarbij risico’s op de werkvloer systematisch worden geïdentificeerd en aangepakt voordat ze leiden tot incidenten of schade.
Zo worden bijvoorbeeld arbeidsongevallen zelden door één enkele factor veroorzaakt. Het vereist een integrale, holistische benadering. Een team van experts – van preventieadviseur arbeidsveiligheid tot arbeidsarts, bedrijfsverpleegkundige, ergonoom en preventie-adviseur psychosociale aspecten – werkt samen om zowel individuele als organisatorische risicofactoren te inventariseren en te analyseren. Door deze brede aanpak verschuift de focus van louter individuele zorg naar collectieve preventie op organisatieniveau, waardoor interventies sneller, gerichter en effectiever kunnen worden uitgevoerd.
Wanneer er toch een arbeidsongeval of gezondheidsprobleem optreedt, biedt dit team de capaciteit om grondig onderzoek te doen, oorzaken te achterhalen en preventieve maatregelen te installeren. Signalering van incidenten gebeurt sneller en door de nauwe samenwerking tussen medische experts en preventieadviseurs kan de organisatie direct reageren en het risico op herhaling verminderen.
De Belgische Federale Overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg heeft daarom een handleiding ontwikkeld om tijdens het onderzoek van arbeidsongevallen op een eenvoudige manier de eventuele aanwezigheid van psychosociale aspecten te verifiëren en te objectiveren en ondersteuning te bieden bij het uitwerken van mogelijke oplossingen.
Arbeidsongevallen worden zelden door één enkele factor veroorzaakt
Voordelen van Belgisch model
In België profiteren werknemers van een snelle en zekere vergoeding bij arbeidsongevallen, waardoor zij sneller toegang krijgen tot hulp en compensatie zonder dat in sommige gevallen een langdurige juridische strijd nodig is. Tegelijkertijd worden Belgische bedrijven beschermd tegen onverwachte schadeclaims die hun financiële stabiliteit zouden kunnen bedreigen. Het Federaal Agentschap voor de Risico’s van de Sociale Zekerheid (Fedris) speelt hierbij een belangrijke rol door data over arbeidsongevallen te verzamelen en deze per sector beschikbaar te stellen, wat benchmarking en gerichte preventie mogelijk maakt. Bovendien wordt preventie gezien als een gedeelde verantwoordelijkheid: verzekeraars en preventiediensten werken samen met de werkgevers aan risicobeheersing, ondersteund door wettelijke verplichtingen.
Voor Nederland, waar gegevens over arbeidsongevallen en beroepsziekten vaak versnipperd zijn over verschillende instanties, zou een gecentraliseerde en transparante aanpak zoals die van Fedris een grote meerwaarde kunnen betekenen. Het zou bedrijven helpen om hun prestaties op vlak van veiligheid en gezondheid te toetsen aan sectorgemiddelden, en beleidsmakers voorzien van robuuste data voor gerichte actie.
Meldcultuur en benchmarking verhogen effectiviteit.
Ook andere factoren zoals psychosociale en ergonomische factoren zijn cruciaal voor veiligheid.Algemene Rekenkamer Nederland. Rapport arbeidsongevallen 2023.
▶ prof. dr. Lode Godderisis sinds 2021 CEOvan IDEWE, Leuven. Contact: lode.godderis@idewe.be