Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Reacties0

Omgaan met prestatiedruk

Joost van der Gulden
‘Succesvol naar de haaien’ van Arjan van Dam gaat over prestatiedruk, een begrip dat we in de media en vakliteratuur tegenkomen als verklaring voor stress, faalangst, vermoeidheid of burn-out. Prestatiedruk vloeit voort uit het idee dat je succes moet hebben om mee te tellen. Een boekbespreking van Joost van der Gulden.
© kite_rin / stock.adobe.com

Arjan van Dam beschrijft de prestatiemaatschappij als opvolger van de standenmaatschappij die werd gekenmerkt door ongelijkheid op grond van afkomst. De Franse revolutie (1789-1799) vormde daarbij een kantelpunt, door het idee te verwerpen dat de adel het als vanzelfsprekend voor het zeggen heeft. Voortaan zouden mensen met gelijke rechten worden geboren. Iemands maatschappelijke positie zou worden bepaald door diens bijdrage aan de samenleving in plaats van door de status van de familie, maar oude patronen zijn weerbarstig. Slechts geleidelijk aan kreeg de prestatiemaatschappij vorm.

Van krantenjongen tot miljonair

Uitgangspunt daarbij is dat iedereen de top kan bereiken. Maar dat vraagt wel om topprestaties. In de nieuwe hiërarchie draait het om de winners. Onderaan de ladder vind je de losers die niet mee kunnen komen. In een ideologie van gelijke kansen hebben ze dat aan zichzelf te danken. Want als je geen succes hebt, werk je dan wel hard genoeg? En als je er niet voor gaat, tja dan kun je verwachten dat je het niet redt. Deze kijk op de wereld vormt een legitimatie voor forse verschillen in inkomen en vermogen.

In het middendeel van Van Dam’s boek Succesvol naar de haaien worden enkele uitgangspunten van de prestatiemaatschappij besproken. Dit betreft ‘hard werken brengt succes’, ‘competitie is goed’ en ‘je prestaties bepalen je waarde’. Hij noemt dit mythes waar wel wat tegen in te brengen is. Zo is voor succes vooral ook talent en heel veel geluk nodig. Het helpt bijvoorbeeld als je als kind gestimuleerd werd om diploma’s te halen en je ouders over het juiste netwerk beschikken.

Een groot vertrouwen in competitie sluit aan bij het neoliberalisme waarin marktwerking en vrijhandel leidende principes zijn. Of dit vertrouwen in de markt goed uitpakt voor de samenleving, valt te betwisten. Op individueel niveau leidt competitie in ieder geval niet tot welbevinden of geluk, zo blijkt uit psychologisch onderzoek. Competitie hangt eerder samen met egoïstisch gedrag, stress en psychische klachten. Die samenhang ziet Van Dam ook met een sterke prestatiegerichtheid.

Liever leergericht dan prestatiegericht

De laatste hoofdstukken sluiten aan bij de ondertitel van dit boek: ‘Laat je niet verslinden door de prestatiemaatschappij’. Van Dam deelt hier tips om het vol te houden in een competitieve wereld. Zo voel je je volgens psychologisch onderzoek beter wanneer je intrinsieke levensdoelen stelt dan wanneer je vooral extrinsieke doelen najaagt. Bij intrinsieke doelen kun je denken aan persoonlijke groei, betekenisvolle relaties of het leveren van een maatschappelijke bijdrage. Voorbeelden van extrinsieke levensdoelen zijn rijkdom, roem en erkenning door anderen. Dat dit verschillend uitpakt is niet zo gek. Het is nog maar de vraag of je genoemde extrinsieke doelen haalt. De intrinsieke levensdoelen sluiten bovendien beter aan bij psychologische basisbehoeften zoals autonomie, competentie en verbondenheid.

In het voorlaatste hoofdstuk maakt Van Dam onderscheid tussen een prestatie- en een leergerichte oriëntatie. Bij een gerichtheid op prestatie wil je anderen graag jouw competentie laten zien en zijn faalervaringen erg pijnlijk. Dat geldt ook als een ander beter presteert. Je wil immers de beste zijn. Ook voor iemand die leerdoelen stelt is falen niet leuk, maar als je ontrafelt wat er misging kun je ervan leren. Succes van anderen kan bij een leergerichtheid inspirerend zijn. Het vormt zeker geen bedreiging want het staat de eigen ontwikkeling niet in de weg. Je kunt wel raden welke oriëntatie beter bijdraagt aan persoonlijk welbevinden. Het boek sluit af met een ‘overlevingsgids voor de prestatiemaatschappij’ waarin de belangrijkste punten worden samengevat.

Van Dam heeft een plezierige stijl van schrijven en verwerkt zijn ruime kennis van de psychologische literatuur op een toegankelijke manier. De les die ik uit zijn boek haal is dat je presteren beter volhoudt wanneer je dat doet vanuit een intrinsieke motivatie.

Arjan van Dam. Succesvol naar de haaien. Laat je niet verslinden door de prestatiemaatschappij. Utrecht: Kokboekencentrum uitgevers, 2025.

Joost van der Gulden is TBV-redacteur
contact: joost.vandergulden@icloud.com

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen
account, maak dan hieronder een account aan.
Lees ook de spelregels.