Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Reacties1

Koester (ook) de curatie

Diederik Wieman
Diederik Wieman
Na het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd werkte Pierre Swerts nog parttime door, onder meer als bedrijfsarts van het Laurentius Ziekenhuis Roermond. Met de 70 in zicht vindt hij het mooi geweest en stopt hij per 1 mei. Vóór zijn vertrek wil hij de beroepsgroep nog één ding op het hart drukken: ‘Je bent op de eerste plaats arts en dan pas bedrijfsarts’, aldus Swerts, die pleit voor een meer curatief handelende bedrijfsarts.
© Teeradej / stock.adobe.com

Het huidige en toekomstige tekort aan bedrijfs- en verzekeringsartsen is een voortdurende zorg. Volgens Pierre Swerts ligt een deel van de oplossing voor dit probleem in een andere inrichting van de bedrijfsgezondheidszorg. Uitgevallen werknemers moeten zo vroeg mogelijk door de bedrijfsarts gezien worden en bedrijfsartsen moeten meer curatief handelen. ‘Veel bedrijfsartsen vergeten — maar dat is mijn persoonlijke mening — dat ze eerst arts zijn en dan pas bedrijfsarts.’ In zijn carrière als zelfstandig bedrijfsarts heeft Swerts nooit anders gedaan; iets dat ongetwijfeld te maken had met zijn ervaring als anios longgeneeskunde en orthopedie voordat hij verzekeringsarts en later bedrijfsarts werd.

Swerts was sinds ’87 tevens actief als sportarts en dacht en handelde ook vanuit die rol altijd curatief. ‘Naast de anamnese doe je ook lichamelijk onderzoek, stelt de diagnose en start zo nodig een behandeling om vervolgens ook de verzuimende medewerker te gaan begeleiden naar herstel voor gezondheid en werk. Zo heb ik meer dan een kwart eeuw gewerkt. En ik zie de positieve resultaten ervan. Wat ik hier betoog is gestoeld op jarenlange praktijkervaring.’ Zijn visie is duidelijk: ‘Als we de kwaliteit van de bedrijfsgezondheidszorg willen verbeteren, dan kan curatief denken en handelen daar een onderdeel van zijn. Deze discussie moeten we misschien eens aanzwengelen. Waarom niet out of the box denken? We hebben een tekort, dat kun je misschien ook bestrijden door de kwaliteit op deze manier te verbeteren.’

Camouflage

Volgens Swerts wordt met de inzet van bijvoorbeeld taakgedelegeerden en praktijkondersteuners het tekort aan bedrijfs- en huisartsen gecamoufleerd. ‘Je boet in aan kwalitatieve medische zorg omdat niet de gerede behandelaar de eerst aangesproken persoon is.’ Hij stelt dat bedrijfsartsen bij de meeste arbodiensten pas in beeld komen als de probleemanalyse opgesteld moet worden. En dat is na zes weken. ‘De teerling is dan al geworpen. Er is een verzuimgesprek gevoerd, vaak door een niet BIG-geregistreerd persoon. Er is al begeleiding opgestart, in welke vorm dan ook. Wat kan de bedrijfsarts dan nog aanvullend, behandelend doen?’

Volgens Swerts ben je na zes weken te laat om gerichte interventies te doen. ‘De werknemer is dan soms al bij de huisarts geweest, die misschien medicatie of twee of meer weken rust voorschrijft. Het is maar de vraag of dat de meest adequate en duurzame oplossing is. Zeker wanneer het om arbeidsgerelateerd verzuim blijkt te gaan.’

‘Er is al begeleiding opgestart, in welke vorm dan ook. Wat kan de bedrijfsarts dan nog aanvullend, behandelend doen?’

Tijdverlies voorkomen

Om kostbaar tijd- en behandelverlies te voorkomen, vindt Swerts het essentieel dat de triage gedaan wordt door de gerede deskundige: de bedrijfsarts. ‘Dan kun je vanaf het begin veel beter sturing geven aan het herstelproces. In het begin heb je misschien wat meer werk, maar wanneer je goed diagnosticeert én verwijst, verdien je die tijd gedurende het verzuimtraject ruimschoots terug. Je hoeft een werknemer dan niet elke twee of drie weken te zien. Dat kun je met een gerichte opdracht prima overlaten aan de praktijkondersteuner of bedrijfsverpleegkundige.’ Dat deze aanpak in de praktijk weinig wordt toegepast, ligt volgens Swerts aan het feit dat bedrijfsartsen vanuit hun perspectief op sociale geneeskunde vinden dat behandelen of cureren niet hun kernactiviteit is. ‘Als dat je opvatting is, drijf je weg van lichamelijk onderzoek, diagnosestelling en behandeling.’

Pierre Swerts

Overleg

The best in front’, zo omschrijft Swerts het. De bedrijfsarts voert de triage uit en zet de behandel- en begeleidingslijnen uit. ‘Je bent dan in principe behandelaar én begeleider. Hierbij zal dan ook zeker vaker dan tot nu toe gebeurt, met de curatieve sector overlegd of samengewerkt moeten worden, maar dan nu duidelijker op initiatief van de bedrijfsarts.’

Elke bedrijfsarts mag diagnosticeren, behandelen, recepten uitschrijven of doorverwijzen. ‘Daar ben je als basisarts voor opgeleid, maar je komt wel op het moeilijke terrein van bevoegdheid en bekwaamheid. Daarom moet in de opleiding tot bedrijfsarts en bij de na- en bijscholing ook nadruk gaan liggen op het verrichten van curatieve handelingen.’ Dat hoeft in zijn optiek niet heel breed te zijn, immers: ‘Het merendeel van de verzuimoorzaken zijn ziekten of aandoeningen van het bewegingsapparaat zoals spier- en peesaandoeningen en psychische aandoeningen. Als de bedrijfsarts hiervan voldoende kennis en ervaring heeft, moet hij direct kunnen starten met de behandeling of doorverwijzing.’

Voordelen

Meer aandacht voor curatie heeft veel voordelen, stelt Swerts. In zijn eigen praktijk leidde de aanpak dikwijls tot korter verzuim. ‘Ik heb talloze mensen op mijn spreekuur gehad met lage rugpijn. De huisarts adviseert meestal twee weken rust, soms zonder dat er lichamelijk onderzoek is geweest. Daarna volgt een traject bij de fysiotherapeut en als dat niets helpt een verwijzing naar de neuroloog of orthopeed, die een hernia vaststelt. Je bent zomaar weer zes tot acht weken verder. Als ik iemand met rugklachten kreeg, stelde ik zelf de diagnose. Was het een hernia, dan konden ze in onze omgeving snel een MRI laten maken en indien noodzakelijk binnen een week geopereerd worden. Binnen zes weken waren ze klachtenvrij en konden ze weer aan het werk. Dit is maar één voorbeeld. Er werd bijvoorbeeld ook in mijn spreekkamer vaker een longontsteking gediagnosticeerd terwijl de huisarts(ondersteuner) het met een griepje afdeed. Een antibioticum kuur uitschrijven is dan een simpele adequate actie, met als resultaat dat klachten snel afnemen waardoor er sneller gere-integreerd kan worden.’

Daling verzuim

Ook is hij overtuigd van het feit dat betere algemene en efficiëntere zorgverlening uiteindelijk leidt tot daling van het totale verzuim en een duurzame toename van welzijn en gezondheid van de werknemer. ‘Daarnaast zal dit ook zeker op meer fronten positieve financiële gevolgen hebben. Dit laatste mag niet onbenoemd blijven.’

1 REACTIE

  1. Beste,
    Graag wil een Belgische kijk op dit onderwerp geven. Bij ons is arbeidsgeneeskunde onderdeel van de sociale geneeskunde/de preventieve geneeskunde. Er is een duidelijke scheiding tussen de arbeidsgeneeskunde en de curatieve sector. Arbeidsartsen (bedrijfsartsen) doen niet aan behandelen. Bij klinisch vermoeden van een pathologie, al dan niet werkgebonden, wordt er doorverwezen naar een behandelend arts.
    Ik denk niet dat we twee petjes op moeten zetten. Primaire en secundaire preventie zijn onze hoofdtaken. De arbeidsgeneeskunde is al complex genoeg, dat we ons nog moeten bijscholen om up-to-date te behandelen. Laten we in de eerste plaats zorgen voor een sublieme uitoefening van de arbeidsgeneeskunde en voor een optimale communicatie tussen de twee werelden die arbeidsgeneeskunde en curatie nu eenmaal zijn. Laten we de hand reiken naar elkaar, dan komen we er ook wel.
    Dokter Wim Van Hooste, preventieadviseur-arbeidsarts

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen
account, maak dan hieronder een account aan.
Lees ook de spelregels.